Auteursrechten
24 februari 2020

Roerende voorheffing op inkomsten uit auteursrechten

Roerende voorheffing op inkomsten uit auteursrechten

Roerende inkomsten

Roerende voorheffing

Het betreft in eerste instantie de inkomsten verkregen uit de cessie of de concessie van auteursrechten en naburige rechten. Daarnaast betreft het ook wettelijke en verplichte licenties, zoals bedoeld in de Auteurswet en de naburige rechten. Ook inkomsten zoals bedoeld in overeenkomstige bepalingen in het buitenlands recht komen in aanmerking.

Bovendien – en dit kan misschien verrassen – bepaalt de wet dat deze inkomsten als roerend inkomen beschouw worden, ook al worden ze in het kader van een beroepsactiviteit verkregen (art. 37, 1e en 2e lid W.I.B. 92).

De roerende voorheffing voor deze categorie roerende inkomsten bedraagt op vandaag nog steeds 15% (art. 171, 2°bis WIB 92). 

Auteurs die van dit voordelige regime gebruik wensen te maken, moeten echter rekening houden met een aantal beperkingen en risico’s. Dat kan je lezen in een andere blogpost.


Deel dit artikel